Donder is goed, donder is indrukwekkend; maar het is de bliksem die het werk doet

dinsdag, 23 oktober 2018

Donder is goed, donder is indrukwekkend; maar het is de bliksem die het werk doet

Terwijl de Raad van State inmiddels advies heeft uitgebracht over het Wetsvoorstel arbeidsmarkt in balans, lijkt er sprake te zijn van paniekvoetbal op het platformveld. Onder de noemer “Uitzendbranche: zzp-economie ondermijnt sociale zekerheden” riepen onlangs prominenten uit de (uitzend)markt in het Financieel Dagblad dat platformen sociale zekerheden ondermijnen en gereguleerd dienen te worden. Vorige week werd ook bekendgemaakt dat FNV een procedure gaat starten tegen Helpling. Is alle paniek terecht?

De klassieke configuratie van arbeid en tewerkstelling is verleden tijd. Platformen verlagen de kosten voor ondernemingen en consumenten. Tegelijkertijd wordt ook de beloning en de sociale zekerheden van werkers verminderd. Platformwerk heeft het arbeidsrecht en arbeid doen versmelten tot arbeid zonder werkgever- en werknemerschap. Dat klopt allemaal, maar we weten ook dat slechts een klein deel van de beroepsbevolking werkzaam is als platformwerker en het zich vooralsnog voornamelijk concentreert in de Randstad.

Dat platformwerk alle potentie heeft om groot te worden, is niet onrealistisch. Ooit zei men dat ook van de uitzendmarkt. Er is veel gedaan om schijnconstructies tegen te gaan en uitzendarbeid te demotiveren. De inwerkingtreding van de Waadi-registratie, de Wet aanpak schijnconstructies, het in het leven roepen van een zogenoemde Cao-politie, het Wetsvoorstel arbeidsmarkt in balans zijn enkele voorbeelden waarmee men heeft getracht dan wel nog steeds probeert grip te krijgen op de uitzendmarkt. Hetzelfde dreigt thans platformwerk te overkomen. Juist uit de flexibele hoek en de juristerij, waar men kennelijk vindt dat platformwerk dient te worden aangevochten met regelgeving.

De toekomst van platformwerk zit niet in de verankering hiervan in een type contract of alleen het arbeidsrecht. Dat past bij de klassieke arbeidsbescherming gericht op de bescherming van een baan en allerlei verplichtingen van een werkgever jegens de werknemer. De toekomst van arbeid en daarmee ook van platformwerk ligt verscholen in stimulering van persoonlijke ontwikkeling van werkers door de tanks van economie, onderwijs, milieu, politiek, ethiek, zowel cultureel als sociaal en juridisch heen. Met als rode draad doorlopende investering in de mens. Als er een markt is die zou moeten weten door schade en schande dat regulering niet de oplossing is, dan zou dat de flexbranche moeten zijn. Vanuit dat perspectief is “paniekvoetbal” op het platformveld vanuit de flexibele hoek dan ook verrassend.

Platformen houden de flexbranche een spiegel voor en dat zou de flexmarkt met beide handen moeten aangrijpen. Tussen de realiteit in wet- en regelgeving en de werkvloer heeft altijd een kloof bestaan. Veranderingen zijn altijd gepaard gegaan met weerstand. De flexbranche zou die weerstand kunnen ombuigen tot samenwerking. Wat kan de flexbranche leren van platformwerk?

1. Gebruik technologie en algoritmes, maar misbruik het niet. Door goed gebruik, kunnen processen worden vereenvoudigd en zelfsturend gemaakt. Relevante vragen zijn: Hoe past een platform in de huidige HR-strategie en outsourcingoplossingen.

2. Hoe kan men zich organiseren voor een schaalbaar inkoopproces? Vraag uzelf af hoe de uitzendmarkt technologie kan gebruiken om klanten proactief te bedienen. Onderzoek hoe afdelingsmanagers en hun teams kunnen experimenteren met platformen. Overweeg inkoop en een “make-up” van huidige infrastructuren voor diverse afdelingen. Denk breder dan alleen uw uitzendonderneming, payrollonderneming of detacheringsbedrijf.

3. Denk groot en in totaaloplossingen, met webbers die op ieder deelgebied goed zijn in wat ze doen. Ecosystemen veranderen het innovatielandschap, dus ook het landschap van de flexbranche. Het belangrijkste principe is dan ook samenwerken en het gebruiken van elkaars kracht.

Platformwerk is het “broertje” van de flexmarkt en geen bedreiging voor de flexbranche, mits de flexmarkt in staat is persoonlijke ontwikkeling en talent ontwikkeling op een flexibele manier te omarmen. Ook voor de vakbonden is er toekomst. Voor hen is een rol weggelegd voor een nieuwe vorm van sociaal overleg door een zogenoemde “Alt-Labour”, een economische belangenverdediging. Vanuit dit perspectief valt het nodige af te dingen op het “paniekvoetbal” over platformwerk.

De wettelijke definitie van de payrollovereenkomst in het Wetsvoorstel arbeidsmarkt in balans is op dit moment eerder een bedreiging dan wel ondermijning van sociale zekerheden dan platformen. De payrollwerknemer die tussen wal (werknemer) en schip (uitzendkracht) geraakt, de payrollondernemer die in zijn vrijheid tot ondernemen en collectief onderhandelen wordt beperkt of kwetsbare doelgroepen, waaronder mensen met een arbeidsbeperking, die via payrolling nu aan het werk zijn en een onzekere toekomst tegemoet zullen gaan, rechtvaardigen eerder “paniek” indien het Wetsvoorstel arbeidsmarkt in balans in werking treedt.

Net zoals de Amerikaanse schrijver Mark Twain zei, geef ik de flexbranche mee: “Donder is goed, donder is indrukwekkend; maar het is de bliksem die het werk doet.”

Mocht u vragen hebben over platformwerk of het Wetsvoorstel arbeidsmarkt in balans, neem dan vrijblijvend contact met ons via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. / +31(0)13 - 820 09 52.

 

Plaats een reactie

U plaatst een reactie als gast

FaLang translation system by Faboba